Terug naar hoofdinhoud

De waakmand

de waakmand

Wie ooit heeft gewaakt, weet dat tijd zich dan anders gedraagt. Minuten rekken zich uit, nachten lijken geen begin of einde te hebben. Je zit, kijkt, luistert, wacht. Soms samen, soms alleen. En ondertussen probeer je er gewoon te zijn. In het hospice weten we dat waken niet alleen gaat over nabijheid, maar ook over volhouden. Over zorgen voor degene die je lief is, terwijl je eigen energie langzaam wegsijpelt.

Daarom staat er, ergens in huis, iets ogenschijnlijk eenvoudigs klaar: de waakmand. Het is geen groot gebaar en zeker geen luxe. In de waakmand zitten kleine dingen die het waken net iets ondersteunen. Een zachte deken, een puzzelboekje, een kleurboek met potloden, een dichtbundel, kaarsen. Dingen die je zelf vergeet mee te nemen als je hoofd ergens anders is. Want waken is intens en juist dan schiet zelfzorg er makkelijk bij in. Wat de waakmand bijzonder maakt, is niet de inhoud maar de gedachte erachter. Iemand heeft vooruitgedacht.

Iemand heeft gezien: jij bent hier al uren. Misschien de hele nacht. Misschien morgen weer. En ook jij doet ertoe. Afgelopen week was het hospice vol. In drie kamers werd gewaakt. Drie families, ieder op hun eigen manier. Iedereen kreeg een waakmand aangeboden. Bij de een kwam het meteen binnen. Ze schoot vol. “Dit is precies zo’n moment,” zei ze, “dat alles even samenkomt.” Bij een ander werd de mand rustig neergezet, bijna achteloos. Ook dat is goed. Iedereen gaat er op zijn eigen manier mee om.

Het zijn altijd kleine momenten van erkenning in een periode die vaak overweldigend is. De waakmand verandert niets aan het afscheid dat nadert. Ze verzacht het ook niet. Maar ze maakt het dragelijker. Menselijker. En dat is precies waar hospicezorg over gaat: niet oplossen wat niet op te lossen is, maar er zijn op een manier die klopt. Soms zit zorg in gesprekken en aanwezigheid. Vaak ook in iets eenvoudigs. Een mand gevuld met aandacht.

Patricia Vogel, vrijwilliger